Bankjes

Column door Ellen van Dilst


Nu het zomer is, ben ik vaak buiten. In de winter ben ik ook wel buiten maar dat is toch anders. Fietsen en hardlopen doe ik namelijk ook als het slecht weer is, maar dan is het zaak om zo snel mogelijk weer binnen te raken. In de zomer ben ik langdurig buiten en dan krijg ik andere behoeftes. Ik wil bijvoorbeeld zo nu en dan zitten. Even op een bankje in de zon met een ijsje, u weet wel.


In de stad waar ik woonde was dat altijd een probleem. Niet dat ijsje - al kende ik misschien iets te veel plekken waar ze het heerlijkste ijs verkopen - maar het bankje. De stad kent een bankjestekort. Zodra er een zonnestraal wordt gesignaleerd, is het dringen op de openbare stadsbankjes. Ze worden intensief gebruikt. Er wordt ijs op gegeten en patat, er wordt op gerookt en bier gedronken. Er wordt druk gekeken, geroddeld, gedroomd of stil van de zon genoten. Sommige bankjes hebben vaste bezitters, op andere is het een komen en gaan. En als alle bankjes bezet zijn, dan gaan we zitten op een stoepje of een trap. In de stad wordt gezeten.


En toen kwam ik in het dorp terecht. Tot mijn vreugde zag ik overal bankjes staan, op de gekste plekken. Bij ons om de hoek bijvoorbeeld, midden tussen de brandnetels en verstopt achter de garageboxen. Op het kruispunt, met een spectaculair uitzicht op de stoplichten. Langs een fietspad wat nergens naar toe leidt. Elk dorp in de omgeving blijkt zelfs een enorme betonnen bank met een mozaïekkmotiefje te bezitten. En het meest opvallende: niemand zit erop, op geen van de bankjes. Aanvankelijk dacht ik dat dat door het weer kwam, of doordat het toeristenseizoen nog niet was begonnen, of omdat je ze domweg niet kan vinden. En die betonnen mozaïekbakken waren natuurlijk niet bedoeld om op te zitten: te groot, te hard, te opzichtig en te veel in de weg staand.


Maar inmiddels is het al wekenlang het mooiste weer van de wereld, struikel je over de wandelaars en wielrenners en weet ik dat die mozaïekmonsters 'social sofas' zijn, bedacht door een kunstenaar die vond dat we met z'n allen wat meer op bankjes moeten gaan zitten. Mijn idee, maar waar ik ook kijk: nergens bankzitters.


Van de week realiseerde ik me dat ik zelf ook nooit op zo'n bankje zit en toen zag ik het: er staat er niet één in de buurt van een fatsoenlijke ijszaak. Erger nog, ik ken hier in de omgeving helemaal geen geschikte ijszaken. De lege bankjes getuigen van het stille leed dat ijsjestekort heet.

Meer berichten

Shopbox