Logo gouwekoerier.nl


Foto: Ellen van Dilst

Druk

Column van Ellen van Dilst


Laatst vertelde ik iemand dat ik was verhuisd naar een dorp. Mijn stadse kennissen zijn meestal even verdwaald door deze mededeling: eh, waar ligt dat eigenlijk? Maar deze keer was de reactie een opgetogen "O, je woont dus in het Groene Hart. Wat zal dat lekker rustig zijn." Tja, wat moest ik daar nu op zeggen.

Het Groene Hart was voor mij iets vaags uit een aardrijkskundeles op de lagere school. Iets met de longen van de Randstad, waar niemand mag wonen, veel meer was niet blijven hangen. Een groene lege vlakte, uitgestrekte weilanden met een paar koeien erop, zo stelde ik het me voor. Waar dat Groene Hart zich bevond, en dat het vlak onder mijn neus lag, realiseerde ik me niet. Dat heb je met abstracties.

Het heeft ook even geduurd voordat ik me besefte dat ik er nu woon, in het Groene Hart. Want de realiteit is heel anders. Allereerst: er wonen mensen, steeds meer mensen, want overal wordt gebouwd. Dorpen worden opgeslokt door nieuwbouwprojecten en weilanden maken plaats voor wegen. Het Groene Hart slibt dicht, zo lijkt het.

En het is er druk en dan niet alleen met mensen die er wonen. De polders zitten vol met torretjes en spinnetjes, libellen, waterjuffers, vogels, grassen en bloemen, die allemaal op de een of andere manier zijn beschermd of beheerd. Want wat blijkt: iedereen wil er naar komen kijken. Dus staan overal staan bordjes met regels erop: daar mag je lopen en hier juist niet. Of je mag er wel komen, maar niet na zonsondergang of in het broedseizoen.

Midden in de polder staat een scherm waarachter je naar vogels mag kijken, met plaatjes erbij, voor het geval de vogels niet voor het scherm willen zitten. Er zijn bordjes met fietspaden, ruiterwegen en wandelroutes, toeristische knooppunten en boerenlandpaden. En alles wordt intensief gebruikt. Waar ze vandaan komen, al die wielrenners, wandelaars, hardlopers en paardenmeisjes, ik weet het niet, maar ze zijn er elke dag opnieuw, in groten getale.

Als ik na al die drukte 's nachts uitgeput in bed lig, word ik tot overmaat van ramp wakker gehouden door ontelbare kikkers die om het hardst aan het kwaken zijn. Ik zal het maar eerlijk bekennen: soms ga ik voor mijn rust een dagje naar de stad.

Reageer als eerste
Meer berichten


Shopbox